Groen Nieuws
Image default

Mest voor de biologische moestuin?

Mest voor de volkstuin of buurt moestuin?

Organische en kunstmest kan voor Co2 zorgen en voor de opwarming van de aarde, water, lucht vervuiling, vermindering van het bodemleven etc, In arme landen onttrekt een export gewas dat is bestemd voor veevoer, ( soja) er voor dat belangrijke mineralen uit de bodem onttrokken worden en het tekort aan mineralen aan moeten worden gevuld met kunstmest. In Nederland zorgt dit geïmporteerde veevoer er voor dat er een teveel aan mest ontstaat.

Mest van koeien, varkens of kippen is eigenlijk niet meer dan plantaardig voedsel dat omgezet is in mest. Het grote probleem zit hem in de mest die milieu verontreinigend is omdat er veel C02 en ammoniak en andere schadelijke gassen bij vrij komen.

Is dierlijke mest te vervangen?

Niet alle landen hebben zoveel veeteelt als Nederland en zijn afhankelijk van andere bronnen zoals dure kunstmest. Zo moeten de onttrokken mineralen weer worden aangevuld en dat is niet alleen NPK maar ook met spoorelementen. Wat is een goed alternatief voor dierlijke mest?

Compost

Compost is een duurzaam manier om de grond te bemesten. Biologische boeren brengen al het plantenafval op een coposthoop en bemesten in het najaar of vroege voorjaar de bodem hiermee.

Er zijn 3 soorten groenbemesters

planten die stikstof kunnen vasthouden: voor meer vruchten aan je planten die veel bladeren maken: voor meer organisch materiaal in de bodem en voor meer wormen planten die diepe wortels maken: om zware grond losser te maken. Er is ook een combi mogelijk en zo wordt Koolzaad vaak gebruikt als groenbemester na de oogst. Koolzaad is een groenbemester dat wordt toegepast als wisselteelt en wordt om de 3-4 jaar opnieuw ingezaaid. Het levert naast de productie van zaad (dat te gebruiken is als plantaardige olie), ook per hectare 10 ton droge stof op als rest product van het gewas, zoals stoppel en wortelgestel, dat wordt omgezet in humus. Er zijn heel wat groenbemesters op te noemen, maar die worden verschillend gebruikt afhankelijk van de laatste oogst of nieuw gewas, grondsoort of bijvoorbeeld als er spraken is van schadelijke aaltjes (afrikaantjes). De groep van aaltjes bestaat uit een bonte verzameling van soorten die in vorm en levenswijze totaal kunnen verschillen. De groenbemester die de ene aaltjes groep bestrijdt, kan het probleem met een andere groep juist verergeren ofwel soms moet je een specifieke soort afrikaantjes gebruiken om een specifieke soort aaltjes te bestrijden.

Vlinderbloemige

Vlinderbloemige zijn ook een prima groenbemesters, zoals als luzerne en witte klaver maar ook bonen en erwten. Vlinderbloemigen laten extra stikstof achter in de bodem na de oogst of na het onder werken (bij enkel groenbemester) in de grond. Alleen vlinderbloemigen zijn namelijk in staat om stikstof te binden met behulp van de wortelknol bacterie. De bacterie bind stikstof uit de lucht en geeft het in ruil voor voedsel aan de plant. Deze symbiose zorgt dat de plant stikstof krijgt om te groeien( en om eiwitten aan te maken) en de bacterie krijgt daar van de plant ( wortel) voedsel voor terug. Het grote voordeel is dat planten eiwitrijk zijn en na de oogst of groei het een prima groenbemester is die de bodem verrijkt met veel natuurlijke stikstof.

Planten hebben stikstof nodig (om eiwitten te kunnen maken) maar kunnen zelf alleen minerale stikstof uit de grond halen. Door hun samenwerking met wortelknol bacteriën hebben vlinderbloemigen dus een extra stikstof bron waar andere planten niet uit kunnen putten. De vlinderbloemen familie is, met ruim negentienduizend soorten En sperziebonen, linzen, pinda’s, kikkererwten zijn maar een paar soorten van de vlinderbloemigen.

Maar wat kan je zelf als groentetuin liefhebber gebruiken?

Compost van eigen composthoop is altijd goed en goed te gebruiken als organische mest. Natuurlijk kan je ook het onkruid schoffelen en laten liggen als groenbemester. Vooral op droge zonnige dagen is het onkruid na een keer schoffelen dood. Het verteerd of de wormen gebruiken het als voeding. Wormen mest is de meest ideale opneembare mest voor planten.

Aan het einde van het oogstseizoen kan je ook een groenbemester inzaaien zoals koolzaad dat de moestuin nog een aangenaam gezicht geeft en goed is voor de insecten en weer kan dienen als voedsel voor vogels.

Welke groenbemester kan je het beste gebruiken

Voor meer organisch materiaal: mosterdblad, phacelia en boekweit
Voor stikstof: peulvruchten, klaver en lupine
Voor losse grond: winterrogge
Winterrogge : zaaitijd augustus tot en met oktober. Zelfs in november en december kun je het nog zaaien, mits het niet vriest. Hij is niet gevoelig voor vorst en houdt de grond mooi bedekt tijdens de winter. Na de winter is de rogge 20 tot 30 cm hoog en kan de graankorrels geoogst worden en de planten resten onder gewerkt worden in de bodem.
De wortels zorgen dat de structuur op kleigrond wordt verbeterd en de drogen stof ( planten resten) voor humus dat vocht en voedingstoffen vast houd op zandgrond.

Koemest korrels kan ook tijdens de groei en vruchtzetting met een bescheiden gift worden geven. Dierlijke mest ( koeien, kippen, varkens mest) alleen in het vroege voorjaar. Pas op dat je niet te veel mest gebruikt, het geeft ten eerste heel veel onkruid, zorgt voor lange slappe planten met weinig weerstand en kan ook voor verbranding van de plant zorgen. Dierlijke mest moet om verbranding te voorkomen dan ook minimaal een jaar oud zijn.

Kunstmest zijn minerale zouten die de grond hard en slecht doorlatend maken. Ook kunnen deze zouten zich gaan stapelen en wordt het bodemleven ernstig verstoord en verstoren deze mineralen zouten de groei van de plant. Het is dus geen goed alternatief en je kan altijd nog beter koemest gebruiken.

Aanvullende mestsoorten

De meeste mestsoorten kunnen onvoldoende zijn en naast NPK kan het zijn dat je nog andere mest soorten aan moet (spoorelementen.) vullen. Soms kan je het zien aan het (vergeelde) blad of slechte vruchtzetting.

Een voorbeeld hiervan is beendermeel Helpt bij het opheffen van een fosfaat tekort. Fosfaat tekort kan met name bij jonge aanplant leiden tot een verhoogd uitvalpercentage en slechte wortelontwikkeling. Ook de bloei en groei voor bomen, struiken en planten kan door een tekort aan fosfaat minder zijn.

Er zijn dus nog heel veel aanvullende plantenvoeding. Biologisch of organische meststoffen hebben de voorkeur. Tenslotte wordt alles wat je als mest in de grond stopt opgenomen door de plant en weet je ook dat het goed is.

Door: Guido Sparreboom
Beeld: Wesley van der Linde

Winterklaar maken tuin of moestuin

Guido Sparreboom

Waarom de moestuin kalkbemesting in voorjaar?

Guido Sparreboom

Slakken in de moestuin bestrijden

Guido Sparreboom

We gebruiken functionele en analytische cookies om uw ervaring op onze website te verbeteren. Gaat u hiermee akkoord? Ja, ik ga akkoord Details