Groen Nieuws
Image default

Planten, vlees en alleseters, maar wat is de mens?

Opbouw dierlijke cel

De werking en opbouw van plantencellen en dierlijke cellen is redelijk hetzelfde te noemen. Toch is de vorm verschillend en hebben alleen plantencellen bladgroenkorrels om met behulp van zonlicht voedsel te produceren en is hun celwand dikker. Deze dikkere celwand bij planten maakt dat we niet alle planten ongekookt kunnen eten en de carnivoren of vleeseters al helemaal niet. Dierlijke cellen hebben een veel dunnere celwand en de spijsvertering bij vleeseters is daarop aangepast. De aapmens was oorspronkelijk een vegetariër die noodgedwongen in koudere streken ook vlees begon te eten om aan voedsel te komen, naast het eten van insecten. De mens is dan ook eerder nog een planteneter dan een alleseter en ons lichaam staat daar meer op afgesteld. Vlees is voor een planteneter ook niet goed te verteren, met name omdat de spijsvertering en de darmflora er niet op is aangepast. Hierdoor wordt het vlees niet goed verteerd en komen pas als het rot wat voedingsstoffen vrij. Vlees doet er bij de mens drie uur over om te verteren, terwijl groente en fruit drie kwartier nodig hebben. Peulvruchten en pasta’s doen er ongeveer 2 uur over.  De mens kan geen gras verteren en vleeseters al helemaal niet.

Cellulose

De plantaardige cel is door zijn dikke celwand of cellulose moeilijker te verteren in het maag- en darmstelsel. Sommige planteneters hebben daarom een uitgebreid spijsverteringsstelsel. Zo hebben de herkauwers als koeien, kamelen en herten zelfs vier magen, om gras en hooi te kunnen verteren. Deze herkauwers kunnen zelfs het voedsel uit de pensmaag weer terug laten keren in de bek, waardoor het nogmaals herkauwd kan worden voor het zijn weg vervolgt naar de andere drie magen.

Waarom is de celwand bij planten dikker?

De celwand wordt ook wel cellulose genoemd en planten hebben deze verdikte celwand nodig voor hun stevigheid. Dieren hebben een geraamte om stevigheid te bieden, maar planten moeten het hebben van de stevigheid van de celwand. Zo zit er in de celwand een verharde laag het cellulose, die er voor moet zorgen dat alle cellen bij elkaar genoeg stevigheid bieden, zodat de plant rechtop kan staan. Sommige kruidachtige planten als de Berenklauw kunnen zo wel twee meter hoog worden en een Mammoetboom zelfs 80 meter. Bij bomen zijn de cellen in de kern (het kernhout) verhout en dood en zorgen voor de stevigheid. Naast de planteneters en alleseters zijn er de vleeseters. Vleeseters kunnen geen planten verteren, maar wel bewerkt plantaardig voedsel zoals hondenvoer. Vaak zit er wel 90% plantaardig voedsel in hondenbrokken.

De darmflora

Runderen hebben vier magen, namelijk; de pens, de lepmaag, de netmaag en de boekmaag. Deze magen zorgen ervoor dat het ruwe cellulose (dikke celwand) afgebroken wordt voor het voedsel naar de darmen over gaat. De eerste maag is de pensmaag, waarin miljarden bacteriën leven. Deze bacteriën leveren het belangrijkste deel van het verteringsproces, waardoor gras, hooi, blad en zelfs schors voor het grootste deel worden verteerd. Als het gras in de pensmaag komt dan wordt het ruwe groenvoer met veel vocht en bacteriën voor het grootste deel verteerd. Paarden of ezels en zebra’s zijn geen herkauwers en hebben daarbij geen extra magen. Paarden en ook bijvoorbeeld olifanten, hebben een enorm groot darmstelsel, waarin ongeveer dezelfde bacteriën leven als in de pens van herkauwers, zodat ze op deze manier uiteindelijk de ruwe celstof uit het gras en de andere plantendelen enigszins kunnen verteren. Olifanten werken zelfs dunne boomtakken naar binnen, samen met heel veel bladeren en gras. Per dag eet een olifant zo’n 200 kilo voedsel. De olifant drinkt daarnaast ongeveer 100 liter water per dag. De helft van het eten poept hij er onverteerd weer uit.

Carnivoren

Vleeseters hebben geen kiezen om plantaardig voedsel mee te kunnen kauwen en ze hebben een te kort darmstelsel om het plantaardige voedsel te kunnen verteren. Een rauw worteltje komt er in stukjes bij de hond dan ook onverteerd weer uit. Bij de mens of koe wordt het echter wel goed verteerd. Vleeseters geven het liefst, nadat ze een prooi hebben gevangen (rund, gazelle of antiloop), de voorkeur aan de inhoud van de pensmaag ofwel pens, voordat ze aan de rest beginnen te kluiven. Pens dat je ook kan kopen voor je hond in een dierenwinkel, is niet anders dan bijna verteerd plantaardig voedsel. Hierin zitten belangrijke vitaminen en mineralen. Vleeseters weten zo het tekort aan vitamines goed aan te vullen. In vlees zit voornamelijk vitamine B wat voor planteneters ook uit plantaardig voedsel te halen is. In plantenvoedsel zitten echter ook andere belangrijke vitamines.

Lengte van de darm verraadt het soort voedsel

Bij de mens (omnivoor) is de darm ongeveer 8 meter. Het darmstelsel bij de leeuw, die in verhouding groter is dan de mens, heeft echter een kort darmstelsel van slechts 7 meter. Bij planteneters is het darmstelsel veel langer om het cellulose te kunnen verteren en kan het bij een koe gemakkelijk 50 meter lang worden.

Planteneters moeten vele malen meer eten dan de alleseters of vleeseters. Plantaardig voedsel als gras bevat namelijk minder calorieën. Planteneters moeten, om aan voldoende calorieën te komen, de hele dag door eten. Een leeuw kan na het vangen van een prooi wel 30 kilo vlees in een keer op eten, maar daarna eet hij 3 dagen niets meer. Olifanten zijn planteneters en eten gras, bladeren, struiken en soms vruchten, boomschors en zelfs dunne takken. Een koe eet ongeveer 50 kilo gras, een Aziatische olifant zo’n 150 kilo en de Afrikaanse olifant eet ongeveer 200 kilo voedsel per dag.

Sommige groenten zijn rauw zelfs giftig

Veel groente moeten worden gekookt, omdat ze anders slecht verteerbaar zouden zijn voor onze darmen en enkele zelfs giftig. Zo is een rauwe aardappel of aubergine rauw giftig en kun je er behoorlijk ziek van worden. Zo zijn ook groene tomaten giftig met de bedoeling dat ze juist niet gegeten worden, maar naarmate ze rijper worden verdwijnen deze gifstoffen met als doel dat de vruchten juist wel worden gegeten. Hierdoor kunnen de volgroeide zaden door de ontlasting worden verspreid. Aardappels hebben echter de knollen nodig voor de ongeslachtelijke vermeerdering. Aardappelen zijn giftig om ervoor te zorgen dat ze juist niet gegeten worden. Wij mensen hebben daar iets op gevonden en koken de aardappels waardoor het gif geneutraliseerd wordt en ze wel eetbaar zijn. Je zou hetzelfde kunnen doen met de voor de mens giftige eikels van de eikenboom. Deze kunnen worden  opgeraapt in de herfst. Stop ze in een pan met water, kook ze en nadat deze afgekoeld zijn kunnen ze worden gepeld, waardoor ze eetbaar zijn. De Indianen in Noord-Amerika gebruikten deze eikels dan ook om brood mee te bakken, nadat ze de eikels gekookt hadden en tot meel (met een steen) hadden vermalen.

Recept: vegetarische burgers, brood of koffie van eikels

1. Koffie maken: Verzamel een pan vol eikels en kook ze in water tot ze gaar zijn, zodat het giftige tannine of looizuur verdwenen is. Dan afgieten en de eikels schillen, wat dan vrij gemakkelijk gaat. Splijt ze dan doormidden en leg ze te drogen op een doek. Na minstens een dag drogen of beter twee dagen, kan men de eikels net als koffiebonen in de oven roosteren. Ga daarmee door tot ze een mooie bruine koffiekleur hebben. Brand ze echter niet te donker. Dan laten afkoelen, in een koffiemolen malen en deze vervolgens in een filter doen om zo koffie te zetten.

2. Brood bakken: Nadat de eikels gekookt, gepeld en gedroogd zijn, fijn stampen tot bloem en nogmaals drogen. Als de bloem droog is, meng je ze met gewone bloem, half om half en voeg een snuifje zout en wat water toe. Nu kun je het meel gaan kneden tot deeg en gaan gebruiken om brood te bakken.

3. Vegetarische burger: Je kunt datzelfde deeg ook gebruiken om vegetarische burgers mee te bakken in de pan. Kneedt het deeg en maak het tot een rol, snij er schijfjes van ter grootte van een hamburger en ga ze vervolgens bakken in een pan met boter. Het is veel werk en het is een beetje uit proberen, maar het kan best lekker en de moeite waard zijn.

Rauwe groente

Rauwe groente, vooral bladgroente, moet om darmproblemen te voorkomen worden gekookt. Hierdoor komen er ook meer belangrijke voedingstoffen vrij in de darmen die anders niet opgenomen konden worden. Wortelen, sla, komkommer, tomaten en paprika e.d. kunnen wel rauw worden gegeten. Tegenwoordig wordt rauw voedsel gepromoot als gezond, omdat er zo minder vitamines verloren zouden gaan, zoals bij koken wel gebeurt. Zo zijn spruitjes, broccoli, bloemkool en koolsoorten bijvoorbeeld wel rauw te eten in een groene smoothie, maar deze verteren slecht en de voedingstoffen kunnen er in de darmen niet geheel uit worden gehaald. Daarnaast geven de bacteriën die in de darmen leven en het voedsel verteren, slecht ruikende gassen af. Groentes als aubergines, rabarber en aardappelen zijn rauw zelfs giftig en moeten altijd worden gekookt.

Eetbare planten in de natuur

Spinazie is op zijn best gekookt en sla kan het best rauw worden gegeten. In de natuur zijn er wel 200 soorten wilde planten die ook op deze manier gegeten kunnen worden. Wilde planten bevatten net zo goed vitamines en belangrijke mineralen en je zou deze wilde planten ook als aanvulling kunnen gebruiken in je normale groente. Ze zijn dus niet alleen handig als voedsel in de wildernis. Probeer er wel op te letten dat ze niet in aanraking zijn gekomen met uitlaatgassen, kunstmest, pesticiden of uitwerpselen van honden en katten. Belangrijk is dat je alles goed met schoon water afwast of kookt.

Enkele wilde planten die je kan eten

1 Brandnetel
De brandnetel is de meest bekende eetbare, wilde groente in de natuur. Het plukken kan het beste met handschoenen aan en pluk alleen de jonge eetbare toppen. Ze zijn na een minuut in heet water te zijn geweest al vrij van de netelcellen of gif. Je kunt van deze brandnetel toppen een heerlijke brandnetelsoep maken. Brandnetels kun je daarna ook goed drogen om er later thee van te zetten.

2. De witte dovenetel
De witte dovenetel is de kleinere en niet prikkende variant van de brandnetel. Je kunt zowel de zoete bloemetjes eten als het blad. Het blad kan gebruikt worden in een salade als het eerst is gekookt.

3. Zevenblad
Zevenblad is een onuitroeibaar onkruid in je tuin, maar is prima geschikt voor consumptie, met name in salades.

4. Paardenbloem
Het jonge blad van de paardenbloem is in het voorjaar goed te eten en zo door de salade doen. Door het blad te drogen in de zon kun je het gemakkelijk bewaren en er later thee van zetten. Het beste is wel om de thee te mengen met andere thee soorten.

5.Weegbree
De smalle of brede weegbree zie je vaak langs wegen en paden. Het is een lekkere groente die je net zoals spinazie kunt klaarmaken. Weegbree is ook te gebruiken als thee door deze eerst te drogen.

6. Madelief
Zowel de bloemetjes als de blaadjes van de madelief zijn te gebruiken in een salade.

7. Rode en witte klaver
Deze klaversoorten zijn vooral lekker nadat ze gekookt zijn en zijn heel gezond.

8. Muur
Dit klein bladig plantje is in het voorjaar het lekkerst en kan gebruikt worden in de salade.

9 Kleefkruid
Kleefkruid is een licht bittere groente, die je maar kort hoeft te koken. Pluk alleen de scheuten en na het koken zal je merken dat deze niet langer kleven.

10. Hondsdraf
Dit plantje is alleen lekker als je de bladeren mengt met andere groenten. Je kunt thee zetten van zowel vers als gedroogd blad.

Vlees, nee bedankt!
Over het algemeen zijn vegetariërs gezonder en leven zij langer. Met deze natuurlijke ingrediënten van wilde planten of kruiden wordt het eten gevarieerder en nog gezonder.

Door: Guido Sparreboom
Beeld: Groen Nieuws

Zomertijd of wintertijd wat gaat Nederland kiezen?

Wesley van der Linde

Zelf een geurkaars maken?

Guido Sparreboom

Winst van multinationals belangrijker dan gezondheid

Guido Sparreboom

We gebruiken functionele en analytische cookies om uw ervaring op onze website te verbeteren. Gaat u hiermee akkoord? Ja, ik ga akkoord Details